PRESS

www.draaiomjeoren.nl, October 11, 2017coverhot
Review concert HOT (Bird & Beyond)

By Ben Tafijn

HOT geeft een nieuwe dimensie aan het kerkorgel
zondag 1 oktober 2017, Abdij van Berne, Heeswijk

Het is een wat ongewone locatie voor een jazzconcert, de kerk van de Abdij van Berne in het Brabantse Heeswijk. De dienstdoende geestelijke leidt deze vreemde eend in de bijt dan ook op gepaste wijze in, het educatieve aspect benadrukkend voor de bezoekers, die normaal gesproken op deze zondagmiddag andere muziek tot zich nemen dan die van HOT. Want daar gaat het hier om: HOT, oftewel Het Orgel Trio, dat enige maanden geleden het hier ook besproken album ‘Bird And Beyond’ uitbracht. Het begon allemaal met organist Berry van Berkum, die zowel actief is in de rol van jazzmuzikant als in die van kerkorganist. Hij nodigde enige tijd geleden bassist Dion Nijland uit voor een improvisatie en vroeg hem tevens of hij nog een saxofonist kende, waarna Nijland op de proppen kwam met Steven Kamperman. Die impro-sessie smaakte naar meer en HOT was geboren.

Die eerste cd, ‘Bird And Beyond’ bevatte stukken gebaseerd op het werk van Charlie Parker die, zoals u natuurlijk allemaal weet, als ‘Bird’ door het leven ging, naar verluid omdat hij verzot was op kip. Een aantal stukken deze middag is dan ook van dit album afkomstig. Zo speelt het trio het vroege ‘Red Cross’ met Van Berkum op het kleine orgel, gebouwd door de gebroeders Reil in 1981, dat zich op de balustrade achter in de kerk bevindt. Nijland en Kamperman hebben zich hier eveneens gepositioneerd. ‘Billy’s Billie’s Bounce’ speelt Van Berkum daarentegen op het hoofdorgel, dat van Adema-Schreurs uit 1931, dat met name in de solo een magistraal geluid produceert. Kamperman horen we hier op altklarinet. Hij en Nijland hebben zich nu weer op een andere plaats in de kerk opgesteld. Terwijl Kamperman in ‘Yardbird Suite’ zich weer door de kerk verplaatst, letterlijk een spoor van geluid achter zich latend. Zo spelen de drie nadrukkelijk met de akoestiek van de kerk. Dat doen ze bij ieder concert, zo vertellen ze me na afloop. Ze zijn dan ook altijd ruim op tijd om alles uit te proberen en het repertoire te kiezen, want het zal u niet verbazen dat lang niet alle composities zich lenen voor het kerkorgel en de gekozen kerken. Met name de galm is een bepalende factor. Ze noemen hun trio niet voor niets ‘bijna een kwartet’.

Op dit concert is ook Duke Ellington van de partij, het zou zo maar werk van hun nieuwe album kunnen worden. Ze beginnen hun set ermee, met het uit 1927 stammende ‘Black And Tan Fantasy’. Nijlands ingetogen strijkbewegingen, Kampermans klarinet en dan het orgel. Wat een prachtige combinatie, met als hoogtepunt dat moment waarop Kampermans noten boven die van het orgel zweven. Ook ‘Heaven’ leent zich uitstekend voor deze combinatie. De fluweelzachte, ietwat weemoedige klanken passen perfect bij deze locatie. Maar deze drie musici weten tevens het gevoel en de emotie in dit stuk te vangen. Hetzelfde geldt voor Oscar Petersons ‘Hymn Of Freedom’. alsof Peterson deze gospel voor HOT heeft geschreven.

Het Parool, March 13, 2017 ****
Review cd-release concert Vanbinsbergen Playstation (Tales without Words)

By Jan Jasper Tamboer

recensie Tales without Words Parool 130317

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Trouw, 18 november 2016 ****coverhot
Review CD Bird & Beyond, HOT

By Christo Lelie

Pure jazz in heerlijke kerkakoestiek
Nog te vaak wordt het imago van pijporgels bepaald door de ruimte waarin zij doorgaans staan: de kerk. Tegelijk roept dat dan het beeld op dat ze slechts geschikt zouden zijn voor in de kerk passende muziek. Het tegendeel is waar: orgels zijn de meest veelzijdige van alle toetsinstrumenten, bruikbaar in alle muziekstijlen. Dat daartoe ook de jazz behoort, bewijst Het Orgel Trio (HOT), bestaande uit Steven Kamperman (klarinet), Dion Nijland (contrabas) en Berry van Berkum, die op deze cd het Sweelinck- en Marcussen-orgel van de Utrechtste Nicolaikerk bespeelt. Zij creëerden zeer originele, maar pure jazz in de heerlijk galmende kerkakoestiek. Centraal staan nummers van Charlie ‘Bird’ Parker, door HOT bewerkt, en composities van de trio-leden. Opvallend is het volledig ontbreken van percussie, maar de muziek swingt er absoluut niet minder om. Het gebruik van een pijporgel werkt bij eerste beluistering soms wat vervreemdend, omdat de klank van beide neobarokorgels heel andere associaties oproept dan een Hammond-orgel.

Maar de vele klankkleuren, de zeer directe aanspraak van de pijpen en bovenal het gave, vrije en improviserende samenspel maken deze cd even aantrekkelijk voor de jazz- als voor de orgelliefhebber.

 

Het Parool, 18 oktober 2016  ****coverhot
Review CD Bird & Beyond, HOT

By Jan Jasper Tamboer

Hoe intiem en hoe groots kan een kerkorgel klinken? Dat kun je horen op, het debuutalbum van HOT, met klarinettist Steven Kamperman, contrabassist Dion Nijland en organist Berry van Berkum. Wat een goed idee om een kerkorgel in te schakelen bij vertolking van werken van Charlie Parker. Hoe kunnen de harmonische vondsten van dit jazzgenie beter tot hun recht komen dan op dit instrument? Dankzij de galm in de Nicolaïkerk in Utrecht waar het album werd opgenomen, waan je je in een sacrale ruimte.

 

Moorsmagazine, 30 September 2016coverhot
Review CD Bird & Beyond, HOT

By Holly Moors

Steven Kamperman is misschien wel de beste saxofonist die er op dit moment in Nederland rondloopt, en in ieder geval de veelzijdigste. Hij is een echte jazzmuzikant die open staat voor alles, en tijdens zijn samenwerking met Behsat Üvez in Barana heeft hij zich bijvoorbeeld het Turkse muzikale idioom goed eigen gemaakt, waardoor de weg open lag voor meer samenwerkingsverbanden met internationale musici. Hij heeft al gespeeld met de Franse tubaspeler Michel Godard en vormt een fantastisch duo met draailiervirtuoos Valentin Clastrier.

Tussen die avontuurlijke muzikale reis was er blijkbaar ook nog ruimte voor een zijspoor terug naar de “gewone” jazz – naar de muziek van Charlie “Bird” Parker. Kamperman speelt hier alt- en b-flat klarinet, Dion Nijland contrabas en Berry van Berkum kerkorgel, en dat klinkt samen werkelijk magnifiek.

HOT, oftewel Het Orgel Trio nam de hele cd Bird & Beyond op in de Nicolaikerk in Utrecht, een kerk uit de twaalfde eeuw met een machtige akoestiek. Beide orgels die je hier hoort zijn gemaakt door de Deense firma Marcussen & Son tussen 1948 en 1956, dus in de jaren van Charlie Parkers grootste successen.

De muziek van Parker wordt door het trio met de nodige vrijheid tegemoet getreden – ze kijken, als ware jazzmusici, hoe ze ermee kunnen spelen, en de ondertitel van het album is dan ook “Compositions by Charlie “Bird” Parker, decompositions and compositions by HOT”.

Er wordt met passie gespeeld, er wordt fantastisch en met hoorbaar plezier samengespeeld, en er wordt met veel humor gespeeld, en het resultaat is subliem – een album met muziek waar je acuut een uitstekend humeur van krijgt. Een absolute aanrader. en zeker ook een trio dat je een keer live zou moeten zien, want dit wil ik wel een keer in een kerk horen! Zo heb je een kerkorgel nog nooit eerder gehoord!

 

Vrije Geluiden, 28 September 2016coverhot
Review CD Bird & Beyond, HOT

By Maarten van Heuven

Jazz op orgel, dat komt niet zo vaak voor. Maar helemaal zeldzaam zijn bewerkingen van Charlie Parker op kerkorgel. Uit Nederland komt het gezelschap HOT: Het Orgel Trio, dat de Nicolaikerk in Utrecht afhuurde om op de twee aanwezige orgels composities van Charlie ‘Bird’ Parker te spelen. Met naast Berry van Berkum op orgel ook Steven Kamperman op klarinetten en Dion Nijland op contrabas in een prima samenspel. Naar eigen zeggen zoekt HOT vooral naar de ruimte in de muziek van Parker. En die ruimte is volop te vinden in de nagalm van 6 seconden in de kerk en de soms massieve luchtverplaatsingen van het orgel. Verwacht geen stijve kerkmuziek, want Parker swingt 60 jaar na zijn dood nog volop; hoewel de uitstekende bewerkingen van HOT ook behoorlijk kunnen ontregelen. En imponeren!

 

De Volkskrant, 12 april 2012 
Recensie CD Almost Human van Talking Cows (****)
Door Frank van Herk

De mensen met koeienhoofden die ook de derde cd sieren, zijn terecht een handelsmerk van Talking Cows, dat herkenbare jazz speelt met speelse trekjes.Het is geenwonder dat tenorsaxofonist Frans Vermeerssen, samen met pianist Robert Vermeulen de leider van het kwartet, een liefhebber is van Roland Kirk: net als die duivelskunstenaar kent hij de traditie – het warme, volle saxgeluid, het spreken en zingen met het instrument, het gevoel voor blues, funk, en swingen invieren. Ennet alsRahsaanzethij de eerbiedwaardige gebruiken naar zijn hand met maffe vervormingen en opwellingen. Ook de orkestrerend spelende Vermeulen weet hoe je verwachtingen doorbreekt, niet als vervreemdend effect maar om het plezier te verhogen. De composities zijn sterk,met expressievemelodieën die aan hun eigen afwisselende ritmes zijn vastgeklonken. Dat deze bezetting al zeven jaar bij elkaar is, valt in elke wending te horen. De cd wordt morgen in het Amsterdamse Bimhuis gepresenteerd, samen met het Frysk Fanfare orkest.

 

De Volkskrant, 10 januari 2011 
Recensie concert Dimami & Joost Buis, Bimhuis 7 januari 2011 (***)
Door Tim Sprangers

Jazztrio Dimami mist alleen nog een vaste onruststoker
Bassist Dion Nijland is de motor achter originele composities.

Er zijn van die leuke jazzbandjes die zich onopgemerkt en bescheiden nestelen in het Nederlandse jazzveld. Zonder hoogmoed en praatjes, maar met een originele visie en onderscheidend geluid. Talking Cows is zo’n formatie,maar ook het trio DiMaMi vormt al jaren een frisse wind. Niet toevallig hebben beide formaties bassist Dion Nijland in de gelederen. Hollandse nuchterheid vormt het belangrijkste motief in de toegankelijke sound van het ruim tien jaar geleden opgerichte DiMaMi. Geen rare versieringen, onnodige fratsen of
een opgeblazen podiumact,maar beheerste grooves, respectvol samenspel en een transparante structuur. Eerlijke muziek door eerlijke muzikanten die een doordachte balans vinden tussen fijne improvisaties en weldoordachte composities. De melige presentatie van Nijland is een voorbode. Stukken bevatten onalledaagse structuren, waarin het refrein eigenaardiger klinkt dan het couplet. Deze humoristische vondsten klinken droogjes en daardoor non-pretentieus. Door de vrijheid blijft elk moment onvoorspelbaar, maar immer goed te volgen, omdat het trio geen geheimen verbergt voor zijn publiek. Ongecompliceerd, helder en sober, ligt gezapigheid niet op de loer? Soms wel, zeker in de zwart-komische sferen, waarin de luie timing en het trage tempo zich in eerste instantie vermakelijk,maar later een tikkeltje saai voortslepen.
Genoeg ruimte voor aanvullende inspirerende musici. Dit keer werpt trombonist Joost Buis zich op als onruststoker. Hij ondersteunt, vult in, en zijn duetten zijn spannend. Gelukkig staan er meer concerten gepland, want deze combinatie verdient een groter publiek dan het kleine aantal bezoekers in het Bimhuis.

 

Jazzenzo, 19 februari 2011
Recensie CD Traces of Tides van De Bende van Drie 
Door Rinus van der Heijden

Een luister-cd van de bovenste orde. Daar heeft de Bende van Drie opnieuw voor gezorgd met het uitbrengen van ‘Traces of Tides’. Het is niet alleen de afwijkende keuze van instrumentarium, maar ook de keuze van het repertoire. En zeker ook de manier waarop het muzikale materiaal is uitgewerkt en op elkaar afgestemd.

Van de elf stukken op de cd zijn er drie van John Zorn, een van Louis Sclavis (in twee versies, waarbij de tweede zich naadloos mengt met muziek van Zorn), een van Ray Anderson en een van Maurice Ravel. Tsjongejonge, ben je dan geneigd te zeggen, want groter onderling verschil kan er nauwelijks zijn. Maar de mond van de luisteraar valt helemaal open als je hoort hoe het werk van die grootheden mengt met de eigen stukken van de bandleden. Voeg daaraan toe dat de bijdragen van voornoemde componisten zijn gearrangeerd door de Bende van Drie en je daarbij de grootst mogelijke verrassingen tegenkomt en de conclusie kan niet anders luiden dan dat Onno van Swigchem, Pieter Jan Cramer van den Bogaart en Dion Nijland een meesterwerk aan de Nederlandse muziekcultuur hebben toegevoegd.

De muziek op ‘Traces of  Tides’ gedraagt zich als een spring-in-het-veld, waarbij allerlei muziekstijlen schijnbaar achteloos worden aangestipt. Het ligt voor de hand dat met ‘Hekhal’ van John Zorn klezmermuziek wordt voortgebracht, maar het openingsstuk ‘Manoir’ van Louis Sclavis kan zó op de lessenaar van een klassieke musicus worden geplaatst. ‘Drone’ van Onno van Swigchem is een uitmuntende proeve van vrije improvisatie, ‘Pi’s Kwela’ van Pieter Jan Cramer van den Bogaart doet de townships van Zuid-Afrika aan, terwijl ‘Pavane pour une Infante défunte’ van Maurice Ravel nog meer het plechtstatige karakter benadrukt dan de componist er aan meegaf. Deze ‘Pavane’ is bijna een rekenkundig wondertje geworden in de uitvoering van de Bende van Drie.

Rest nog de vermelding van die duivelse instrumentatie waar het trio voor heeft gekozen. Zelden zijn er zulke mooie klankkleuren geschapen als De Bende van Drie doet. De mogelijkheden van saxofoons, accordeon en contrabas zijn volledig uitgebuit en bijna architectonisch tegen elkaar afgezet. In elkaar geschoven mag ook. Het tekent de onafzienbare flexibiliteit van dit fantastische trio.

 

NRC, 14 maart 2008
Recensie CD Nearby Distances van Dimami (****)
Door Frans van Leeuwen

Er gaat niets boven een goed concert. Dat vond het trio DIMAMI (Dion, Makki en Miguel) blijkbaar ook toen het besloot de opnamen die de VPRO in januari 2006 in het BIMhuis maakte uit te brengen op cd. Het trio speelde die avond met twee gasten, saxofonist Mete Erker en gitarist Anton Goudsmit, en groeide met hen naar een hoog niveau, artistiek en communicatief. Het openingsstuk ‘Indian Matters’, met een glansrol voor altist Miguel Boelens, bevat alles wat jazz moet hebben: inzet, spanning en improvisatie, zonder dat het hersenloos wordt. Na dit overdonderende begin blijkt dit kwintet ook prima overweg te kunnen met rustige, meer gespatiëerde muziek. Het titelstuk klinkt als Charles Mingus in een bezonken bui en ‘View from above’ bijna pastoraal dankzij een poëtische conversatie van Boelens, Erker  en Goudsmit. Speelde die laatste vroeger als hij “loos” mocht, dolgraag in de stijl van Zappa, in ‘All Black’ lijkt hij er eerder naar te streven funkgitarist James “Blood” Ulmer in volvetheid te overtreffen. Dat bassist/leider Dion Nijland en drummer Makki van Engelen op deze fraai naturel opgenomen plaat nauwelijks soloruimte eisen onderstreept hun voortreffelijke gastheerrol.